De oorzaak achter het gedrag van je kind

Boosheid

Oktober 2018 – Het gedrag van het kind

De eerste lesweek na de herfstvakantie. Je kind heeft zijn vriendjes of vriendinnetjes weer ontdekt en kan zich vol energie op zijn schoolwerk richten. Of toch niet…? Kijk eens naar je kind: zit het lekker in zijn vel? Kan het uiten wat er van binnen speelt? Geeft het zijn grenzen aan naar andere kinderen of frustreert het je diep van binnen dat anderen altijd over je kind heen lijken te lopen? Gedraagt je kind zich zoals je hem kent of vertoont hij gedrag dat eigenlijk niet bij hem past?

Je kind kan niet altijd vertellen dat het niet goed met hem gaat. Soms wil hij dit ontkennen omdat hij zich daardoor anders voelt dan andere kinderen. Maar meestal heeft een kind gewoon nog niet de woorden om dit aan te kunnen geven, kan het kind nog niet de juiste verbanden leggen. Als het gedrag van je kind verandert is dit een teken dat er bij je kind iets gebeurd. Dit kan positief zijn: hij voelt zich sterker worden, laat meer van zich horen. Of hij herkent dat het soms fijn is om even op een rustig plekje op te laden in plaats van altijd vol gas vooruit te gaan. Maar het kan ook zijn dat er iets aan de hand is, dit hoeft niet iets groots te zijn; soms zijn het kleine dingen die opstapelen, waardoor frustratie ontstaat.

Zo merkte ik de laatste tijd dat één van mijn kinderen wel erg boos uit school kwam. Ik had sterk de neiging om hem aan een vragenvuur te onderwerpen. Gelukkig kon ik me op tijd inhouden, wetend dat het vragenvuur alleen maar tot meer boosheid zou leiden. Ik weet steeds beter wat mijn kind op die momenten nodig heeft en probeer hem af te leiden.

Als volwassene wil ik wel graag weten waar de boosheid weg komt, maar het kind heeft daar helemaal geen behoefte aan. Kinderen zijn gericht op het gedrag dat er op dat moment is, koppelen oorzaak en gevolg anders dan dat wij als volwassenen dit zouden doen. Het kind heeft behoefte aan een oplossing, niet aan een ontleding van het probleem. Het kan helpen om je kind iets te laten doen waar hij rustig van wordt, bijvoorbeeld muziek luisteren, even tekenen, even knuffelen. Kies iets dat bij je kind past en signaleer wanneer je kind dat nodig heeft.

Ontleding

Mijn kind heeft geen behoefte aan een ontleding, maar ik als ouder wel. Ik ben naar de leerkracht gestapt en heb samen met haar gekeken naar de mogelijke oorzaak van het gedrag. We kwamen er achter dat er waarschijnlijk een opeenstapeling van kleine dingen zijn geweest die mijn kind hebben geïrriteerd: een vriendschappelijke duw, een schreeuwend kind, een som die niet kon worden opgelost. Al deze kleine dingen leiden samen tot een enorme explosiedrang.

Het eigenlijke probleem zit niet in al die kleine dingen die irriteren, maar in de vraag hoe mijn kind daar mee omgaat. Kan het kind aangeven dat hij zat is van de vriendschappelijke duwen? Kan het zich afsluiten voor een schreeuw of om hulp vragen als iets niet lukt? Probeer daar als ouder zelf een antwoord op te vinden, observeer je kind en help hem daar waar dit kan. Geef tips of maak concrete afspraken: ‘Als je vandaag weer geduwd wordt zeg je dat diegene moet ophouden. Houdt hij niet op, dan ga je naar de juf’. Vraag na schooltijd kort of het gelukt is en geef je kind een knuffel of een high-five als dit zo is. Dát is wat blijft hangen en waar je kind mee verder kan!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.